|
Pagina 4 van 9
Salomon Kroonenberg: 'Het klimaat is niet te
redden'
Interview door Astrid Smit in Intermediair van 23 februari
2006
Volgens Salomon Kroonenberg kan Greenpeache
zichzelf binnenkort wel opdoeken en is het hele Kyoto-verdrag pure
geldverspilling. Het klimaat verandert altijd, en daar kunnen wij
niet zoveel aan doen. 'Wij hebben een soort vals schuldgevoel.'
Salomon Kroonenberg houdt van plagen. Vertel hem dat je de
uiterwaarden in zijn 'achtertuin' zo mooi vindt - zijn huis staat
onder aan de dijk in Wageningen - doordat 'men de natuur er zijn
gang laat gaan' en hij zegt: 'Hoezo natuurontwikkeling? Tuinieren
bedoel je. De wilgenbossen worden weer netjes gekortwiekt.
Rijkswaterstaat vond dat ze de doorstroming in de Nederrijn
belemmerden.' En wacht maar. Over vijftig jaar willen we in die
uiterwaarden weer totaal iets anders, stelt hij. Onze visie op
natuur kan diametraal veranderen.
Als kind maakt hij de Watersnoodramp van 1953 van nabij mee. Het
ouderlijk huis stond in Goes. Toen hij zes jaar was en naar school
ging, kreeg hij te horen dat de hele kust - van de Wadden tot aan
Zeeuws-Vlaanderen - één ononderbroken lijn van dijken zou worden.
Dat het IJsselmeer zou worden ingepolderd, de Waddenzee, alles. 'En
dat vond iedereen toen volstrekt normaal!' Met zijn vader ging hij
in 1963 kijken hoe de betonnen zinkbakken, de caissons, in het
Veerse Gat waren afgezonken, en Noord-Beveland aan Zuid-Beveland
werd geklonken. Zijn vader was apetrots. 'En onlangs, in 2004, is er
weer een gat in de Deltawerken gemaakt, omdat het water in het
Veerse Meer stagneerde. Zoiets vervult mij met leedvermaak.' We
hebben ontzettend de neiging om dingen als vaststaand te beschouwen,
zegt Kroonenberg. En te denken dat alles zich één kant op
ontwikkelt. We denken: als iets toeneemt, zal het wel blijven
toenemen, en als iets afneemt, zal het altijd afnemen. 'Als je in de
jaren zeventig zou vertellen dat Polen en Tsjechië ooit lid van de
Europese Unie zouden zijn, zou je voor gek worden versleten.'
Ons denken is er niet op ingesteld om te verwachten dat de dingen
wel eens een andere kant op kunnen gaan, stelt Kroonenberg. 'Begin
jaren negentig riep een medewerkster van de Russische
rijkswaterstaat de hulp van de Nederlanders in. De Kaspische Zee
steeg. En niet zo'n klein beetje. Vijftien centimeter per jaar.
'Rusland liet zich totaal verrassen, terwijl die Kaspische Zee al
eeuwen op en neer gaat.' Zo raken we ook in paniek over de
schommelingen in het klimaat, vindt Kroonenberg. 'We denken dat de
temperatuur alleen nog maar toeneemt. En kunnen ons niet voorstellen
dat hij ooit weer afneemt en we wellicht een ijstijd tegemoet gaan'.
Een jaar geleden nam de Delftse hoogleraar een sabbatical. Samen
met zijn vrouw verbleef hij in het Italiaanse Bologna, de stad met
de oudste universiteit van de wereld, om de merkwaardige verhouding
die wij hebben met de tijd, vooral met de geologische tijd, eens op
papier te zetten. Het is een prachtig boek geworden, een aangenaam
en persoonlijk college over de geologische geschiedenis en de lessen
die we daaruit kunnen trekken. En het is niet alleen bedoeld voor
leken. Ook klimatologen kunnen er iets van opsteken.
Wij mensen hebben ons ontwikkeld tot een succesvol
maar zorgelijk type, stelt u in uw boek 'De menselijke maat'. Het
klimaat is vrijwel constant en toch maken we ons druk over het feit
dat het over een eeuw een graadje warmer wordt of de zeespiegel een
paar meter stijgt. Wij zijn maar tobbers?
'Ja, dat vind ik wel. En dat komt voort uit het feit dat we heel
kortzichtig zijn. We kijken slechts om het hoekje, denken niet
verder dan een paar honderd jaar. En worden dan bang van wat ons te
wachten staat. De temperatuur stijgt. Oh, oh waar gaat dat heen!
Maar als je verder kijkt, dan zie je die korte-termijn-angsten
opeens in een ander perspectief. Ik vergelijk het wel eens met de
slogan die ontwikkelingsorganisaties hanteren. Die zeggen over
macro-economische processen: think globally, act locally. Zo moet je
voor mijn gevoel ook omgaan met de tijd. Je moet in grote
tijdschalen denken. Als je de processen kent over de lange termijn,
dan vallen de beslissingen voor de korte termijn ook anders uit. Als
we ons zorgen moeten maken over het klimaat, dan lijkt het me
zinvoller dat we ons druk maken over de aankomende ijstijd.'
Zijn alle wetenschappers het erover eens dat er een
nieuwe ijstijd aankomt?
'Ja, vrijwel. En dat is ook logisch, want het komen en gaan van
ijstijden is net zo'n astronomisch gestuurde cyclus als de
afwisseling van dag en nacht of van de seizoenen. Een nieuwe ijstijd
behoort ook tot dat rijtje, alleen op een andere tijdschaal. Over 23
duizend jaar zitten we er middenin. Dan ligt er een ijskap over heel
Scandinavië, Siberië en Canada met daar omheen een toendrasteppe,
daar ligt Nederland dan in. De zeespiegel is dan meters gedaald en
de Noordzee ligt vrijwel droog.'
Maar dat er over een paar duizend jaar een ijstijd
voor de deur staat, is voor ons toch van geen enkele
betekenis?
'We weten wanneer we er middenin zitten, maar we weten niet
wanneer die ijstijd precies begint. Dat is de grote vraag. Is dat
over 100, 1.000 of 10.000 jaar? Dat weet niemand.'
Als het komen en gaan van ijstijden net zo'n
astronomisch gestuurde cyclus is als de seizoenen, waarom weten we
dan niet wanneer er een nieuwe komt?
'Er zijn diverse cycli van ijstijden. De aarde doorloopt een
volledige cyclus in honderdduizendjaar, de zogenoemde
Milankovic-cyclus. Dat is al viereneenhalf miljard jaar aan de gang.
Daarnaast heb je een cyclus van 43.000 jaar, twee cycli van 24.000
en 19.000 jaar en nog een hele reeks kleinere cycli die vermoedelijk
aan zonnevlekken gerelateerd zijn. Zolang we niet weten hoe al die
cycli met elkaar interfereren, kunnen we heel moeilijk zeggen: dit
is het punt waarop we een nieuwe ijstijd ingaan. De warme tijden
eindigden in het verleden ook niet met een alsmaar dalende
temperatuur. De temperatuur daalde en steeg, in een soort neergaande
zaagtandstructuur. Misschien dat de volgende ijstijd door de mens
wat minder koud wordt, een kwakkelijstijd zeg maar, maar hij komt
wel.'
U verbaast zich erover dat klimatologen zich hier
niet mee bezighouden. Zijn ze zo dom?
'Ze zijn niet dom, maar ze rekenen niet ver genoeg door in de
tijd. De Club van Rome, de Intergovern-mental Panel on Climate
Change, het KNMI; niemand kijkt of rekent verder dan het jaar 2100.
Ik heb dit ook besproken met wetenschappers van het KNMI. Laat je
modellen eens doorrekenen tot het jaar tienduizend. Waar kom je dan
uit? Wat voor trend zie je dan? Hun antwoord is: dat is onmogelijk.
Dan moeten we dertig jaar lang rekenen.'
Duizenden jaren vooruit rekenen is
onhaalbaar?
'Wel als je met zulke verfijnde modellen werkt. Het is net als
met het weer. Erwin Krol kan maar tien dagen vooruit voorspellen,
maar je kunt best iets zeggen over het weer in de verdere toekomst,
dat het in de zomer warmer wordt bijvoorbeeld. Ze moeten dus grovere
modellen gaan maken.
'Waarom kijkt men dat niet verder?
'Dat weet ik niet. Dat is nou precies mijn vraag. Hoe komt dat
toch? Men zegt: we weten nog zo weinig. De wolken hebben we er nog
steeds niet goed in zitten. De kennisvermeerdering gaat zitten in de
verfijning van de modellen en niet in de grotere tijdsperiodes. Het
idee leeft gewoon niet. Dat is ook de reden dat ik dit boek ben gaan
schrijven. Om dit perspectief eens duidelijk te maken. Er zijn
hulpverleners die mensen die de loterij hebben gewonnen moeten leren
met dat geld om te gaan. Ik voel me eigenlijk ook zo'n hulpverlener,
maar dan op het vlak dat ik mensen de omvang van de tijd moet leren,
de diepe tijd. We zitten in een klein bootje boven op een enorme
warmtegolf. En wij kijken niet naar wat er achter ons of voor ons
ligt.'
Volgens u ontberen we een collectief
geheugen.
'Een van de dingen die ik zo frappant vind, is dat we in de jaren
zeventig dachten dat er een nieuwe ijstijd aankwam. Dat was voor
iedereen op dezelfde manier gemeengoed als nu de opwarming van de
aarde dat is. De gemiddelde temperatuur ging toen alsmaar omlaag. Er
waren zelfs mensen die hebben voorgesteld om maar wat extra
brandstof te verstoken om zo de trend misschien te keren. Ha. Ha.
Dat hebben we dus uiteindelijk - onbedoeld - gedaan. 'Die nieuwe
ijstijd is zelfs tot op het hoogste niveau besproken. De Amerikaanse
president Nixon zou in gesprek zijn geweest met Rusland - let wel:
we zaten toen middenin de Koude Oorlog. Ze wilden de gevolgen van de
naderende ijstijd tegengaan door de Beringstraat tussen Siberië en
Alaska af te sluiten. Maar dit zijn we allemaal allang weer
vergeten.'
Twintig jaar later laten we ons aanpraten dat de
aarde opwarmt.
'Ik heb hier in Wageningen in de jaren tachtig de rise and fall
van de zure regen meegemaakt. Men was serieus bezorgd over das Große
Waldsterben. Uiteindelijk is het een regionaal verschijnsel gebleken
dat zich beperkte tot de driehoek tussen Duitsland, Tsjechië en
Polen, en geen wereldwijd probleem. We hebben natuurlijk ook de
uitstoot van zwavelgassen verminderd, dat heeft de bossen ook goed
gedaan. Maar die hele hype van "jongens, het is afgelopen met het
bos" was gewoon zwaar overdreven. Als je dat zo een paar keer
meemaakt, kijk je toch anders naar al die zogenaamde dreigingen.'
Het broeikaseffect is toch van een andere orde? Dat
is toch een serieus probleem? '
Als je kijkt naar het jaar 2100, dan lijkt het van een andere
orde. Maar als je naar de grotere schalen kijkt niet. Het klimaat
verandert altijd. Het klimaat veranderde veel sterker aan het einde
van de vorige ijstijd dan het nu zou veranderen. Toen steeg het
kooldioxidegehalte zeker twee tot drie keer zo hard als nu, zo ook
de zeespiegel. Dat soort verschuivingen zijn normaal in de natuur.
Wij zitten alleen op de top van zo'n warmtegolf en zien niet dat het
klimaat redelijk stabiel is ten aanzien van het verleden. We moeten
ons gewoon leren aanpassen, in plaats dat we proberen het klimaat te
beïnvloeden. Als de zeespiegel stijgt, maak je hogere dijken en als
die daalt, bagger je de zeehavens weer verder uit. Als het koud is,
trekken we ons berenvel aan. Als het warm wordt, doen we hem weer
uit. We hebben het toch allemaal al een keer meegemaakt? De mens
leeft tweehonderdduizend jaar. Daarin hebben al twee ijstijden
plaatsgevonden.'
Maar nu zijn wij mensen de veroorzaker van die
kooldioxidetoename. Dat lijkt me een essentieel
verschil.
'Ja, wij zijn zonder meer de veroorzaker. Maar een tegenvraag:
als de vulkanen het gedaan zouden hebben, zouden we de kooldioxide
dan ook onder de grond stoppen? Nee, toch? Dan zouden we ons gewoon
aanpassen. Wij hebben een soort vals schuldgevoel. Wij hebben het
gedaan, en dus moeten we boeten. Het past bij onze calvinistische
instelling.'
Dus het Kyoto-verdrag, waarin we proberen de uitstoot
van kooldioxide in te dammen, vindt u onzin?
'Ja. De tovenaarsleerling heeft de kurk uit de koolzuurfles
gehaald, maar je moet hem niet vragen het gas weer terug in de fles
te doen. Zijn tovermiddel is waarschijnlijk erger dan de kwaal en in
elk gevaar duurder. Laat het liever aan de natuur over. Die heeft
dit eerder gedaan. 'Oké, je moet zuinig zijn met grondstoffen, puur
omdat volgende generaties ook nog prettig willen leven, maar daar
heb je die klimaathype niet voor nodig. Ik vind het Kyoto-verdrag
verspilling van ons geld. Er gaan miljarden op aan internationaal
overleg om uiteindelijk een twijfelachtige reductie te
bewerkstelligen. Laten we dat geld uitgeven aan zinvollere dingen.
In Afrika kunnen ze dat geld goed gebruiken voor de bestrijding van
de armoede. Daar hebben ze ook hun bedenkingen over Kyoto. Ze zien
Kyoto als een hobby van de westerse landen waar zij zo nodig aan mee
moeten doen.'
Dit is koren op de molen van Bush.
'Het kan me niet schelen wie er met mijn ideeën aan de haal gaan.
Ik vind dat Bush ontzettend dom bezig is omdat hij zonder enige
beperking de mensen toestaat grote hoeveelheden grondstof op te
maken. En ik vind Amerika op dit moment gevaarlijk door de bijna
fascistische wijze waarop het land zijn morele visie aan anderen
probeert op te leggen. Maar ik ga mijn ideeën over de klimaathype
daarvoor niet aanpassen.'
Greenpeace verspreidt met 'Red ons klimaat' een
verkeerde boodschap?
'Ja, want welk klimaat moet dan worden gered? Dat van 1940? Van
1975? Er is toch geen nulpunt. Het klimaat verandert altijd en is
niet te redden. Dit is een leugenachtige slogan die ook nog eens
heel zelfzuchtig is want de klimaatverandering valt voor een aantal
landen misschien wel gunstig uit. 'Ik vind Greenpeace vergelijkbaar
met de Nederlandse Vereniging voor Seksuele Hervorming in de jaren
zestig, zeventig. Speerpunt van deze organisatie was seks in het
huwelijk, buiten het huwelijk, voorbehoedsmiddelen, wel of geen
abortus. De NVSH heeft onderwerpen bespreekbaar gemaakt, die toen
volstrekt onbespreekbaar waren. Met Greenpeace is het precies zo.
Die heeft een enorme boost gegeven aan het zichtbaar maken van het
milieuprobleem. Maar nu is het milieu gewoon hetzelfde als de afwas.
Als het vies is, maak je het weer schoon. Daar heb je Greenpeace
niet meer voor nodig. Het moment is naderbij dat ze zichzelf
overbodig hebben gemaakt en daar mogen ze trots op zijn.'
Werkt het niet verlammend om in geologische
tijdschalen te denken?
'Nee, absoluut niet. Ik vind het juist inspirerend. Het heeft
uiteindelijk te maken met wat voor beeld je van de mensheid hebt.
Voor mij is de mens een ongelofelijk klein radartje in een hele
grote cyclus. Het niet in grote tijdschalen denken, is juist
verlammend. Hoeveel geld wordt er niet uitgegeven aan dingen die
achteraf totaal zinloos bleken zoals zure regen. Kijk, voor de
wetenschap is de hype natuurlijk uitstekend geweest. Net zoals de
tsunami goed is voor de seismologen en de oceanografen, zo is het
broeikaseffect goed voor de klimatologen. Er is de afgelopen jaren
ontzettend veel geld gevloeid naar klimaatonderzoek. En dankzij dat
onderzoek weten we nu waar we ons de komende jaren op voor moeten
bereiden en hoe we ons moeten aanpassen. Dat is pure winst.
|